"De bewoners zeggen mij vaak dat ze blij zijn dat ik hier ben"
Tinneke Borloo
Cursist Zorgkundige
Tinneke was meer dan twintig jaar zelfstandig uitbaatster van een supermarkt van Delhaize, tot ze de overstap maakte naar de zorgsector. Ze houdt van babbels met de bewoners van het woonzorgcentrum.
De familie van Tinneke baatte 50 jaar lang een supermarkt van Delhaize uit. Eerst stonden haar ouders in de winkel, daarna namen Tinneke en haar zus het over. Maar na 22 jaar verkocht Tinneke de zaak, en ging aan de slag in het woonzorgcentrum waar haar moeder verbleven had.
Tinneke: “Het was natuurlijk geen gemakkelijke beslissing om te stoppen met de winkel. Zeker niet omdat onze familie de zaak zo lang gehad had. Maar het werk was te zwaar geworden. Mijn zus was er vijf jaar eerder al mee gestopt, en ik had werkdagen van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat. Mijn ouders stonden er ook achter dat ik de zaak overliet, ook zij vonden dat het hoog tijd was dat ik meer tijd kon doorbrengen met mijn gezin.”
Tinneke aan het werk in woonzorgcentrum de Refuge in Gent.
Toen je stopte met de winkel ging je aan de slag in een woonzorgcentrum. Hoe kwam je op dat idee?
Tinneke: “In die periode verbleef mijn mama in het kortverblijf van woonzorgcentrum de Refuge. Ik zag de verzorgers daar met koffie rondgaan en en ik dacht: waarom niet? Het leek me een job met veel sociaal contact en daar houd ik van.
Toen ik de zaak verkocht had schreef ik een sollicitatiebrief naar de Refuge, en zo kwam ik daar in de schoonmaak en logistiek terecht. Later stelde de Refuge me de vraag of ik niet bij hen wou werken als zorgkundige, en daarom ben ik me gaan bijscholen bij Kisp."
Mijn klanten kwamen bij mij altijd op de eerste plaats. En mijn bewoners nu ook.
Zag je dat meteen zitten, nog een opleiding volgen?
Tinneke: “Ik heb daarover moeten nadenken (lacht)! Ik zag die job zeker zitten, maar opnieuw gaan studeren is niet niks. Gelukkig had ik meteen een klik met mijn trajectbegeleider hier, Sarah. Zij stelde me gerust en hield rekening met wat ik zelf zag zitten. Zo hebben we samen beslist dat ik het eerste semester maar 1 dag per week les zou volgen, om niet te zwaar te beginnen. In het tweede semester volgde ik 2 dagen per week les, en dat lukte toen ook prima.
Zijn er gelijkenissen tussen je job in het woonzorgcentrum en wat je vroeger deed in de supermarkt?
Tinneke: “Het sociaal contact. Ik ben graag bezig met mensen. Mijn klant kwam bij mij altijd op de eerste plaats, en mijn patiënten nu ook. Ik haal veel voldoening uit het werk dat ik nu doe. Ik krijg veel respect van de bewoners. Ze laten merken dat ze blij zijn dat ik er ben. Ze zeggen me dat ook letterlijk: “We zijn blij dat ge hier zijt, we hebben u gemist”. Dat doeg deugd! Omgekeerd wil ik hen ook zo goed mogelijk verzorgen. Ik vind het belangrijk dat mensen op een aangename manier ouder kunnen worden. Als het je eigen moeder of oma is, wens je hen toch ook de allerbeste zorg toe?”